Het stokje dat ondertussen het merendeel van de blogosfeer al heeft ingenomen, heeft zich via Sara ook een weg naar mij gebaand. Nu nog iets vinden dat in die lijst past…
1. Ik heb langs geen kanten een fotografisch geheugen, laat staan dat ik van de voordelen ervan kan genieten. Wat ik vreemd genoeg wel heb is een soort audiovisueel geheugen. Ik hoef maar de soundtrack te horen van een film die ik heb gezien en ik word zo terug in die wereld gegooid. Bij iedere climax kan ik voor me zien wat er gebeurt en hoe de camera beweegt. Het gevolg hiervan is dat als ik iets schrijf (wat ik zo geregeld wel eens doe), ik mij alles erg filmisch inbeeld en bijgevolg vaak dingen zo beschrijf. Misschien was ik beter filmregisseur geworden ofzo…
2. Ondanks mijn chronisch gebrek aan zelfvertrouwen ben ik erg trots als het gaat over dingen die ik beschouw als talenten. Dingen waarvan ik veronderstel dat ik ze beter kan dan iemand anders, mag je geen kritiek op geven. Je blijft van mijn heilige graal af, zeg dat ik het gezegd heb. In tegenstelling tot wat sommige mensen graag verkondigen, geef ik graag toe dat ik mij héél erg aantrek wat mensen van mij denken. Het is dus echt niet moeilijk om mij de grond in te boren eens je een paar persoonlijke dingen over mij weet, iets wat al enkele malen gebeurd is ook.
3. Als het op discussies aankomt ben ik ongelooflijk koppig en 100% mannelijk. Ik bestook je met logische, uit elkaar volgende argumenten tot je erbij neervalt. Buig je nog niet, dan breek ik je door het hele proces nog eens te herhalen. Ik heb gelijk en je zal het geweten hebben. Zo heb ik in de middelbare school eens een vol uur zitten discussiëren met een tamelijk extreem-links gerichte mede-leerling over de voor en nadelen van kapitalisme. Het stak mij enorm tegen, dat wel, maar ik wou mijn gelijk halen tegenover die pseudo-communist.
4. Toen ik nog in de lagere school zat begonnen mijn neef en ik verhaaltjes te verzinnen. Een goede helft ervan speelden we uit in de tuin, de andere schreven we neer. Toen mijn vader toen een computer aanschafte, kon je ons in Windows 3.1 die dingen zien uittypen met twee vingers. Een uurtje later zag je ons tekeningen maken die bij dat verhaal gingen. Die dingen gingen over vanalles, van cowboys over een neergestort vliegtuig op een dinosauruseiland tot science fiction.
Twee keer hadden we een doel. In het derde leerjaar hebben we een verhaaltje over indianen geschreven, naar het thema van het schoolfeest. Dat werd dan gekopieerd in een boekje dat we dan in indianenoutfit verkochten aan ouders die langskwamen. De tweede keer was voor een schrijfwedstrijd uit de Jommekeskrant, dat zelfde jaar. We hebben toen niets gewonnen, maar het ‘griezelverhaal’ dat we toen hebben geschreven is legendarisch gebleven door z’n titel alleen: “The Last Night of the Halloween Potatoes.” Klinkt veelbelovend hé?
5. Mijn lichaam is, voor zover ik weet, erg tolerant. Ik mag alles eten zonder te verdikken, ik heb stevige botten, ik verrek niet snel een spier, heb geen allergiën,… Behalve één ding: Skittles zijn mijn kryptonite. Je weet wel, die veelkleurige, zoete, kunstmatig smakende snoepjes die vooral in de VS verkocht worden. Tijdens onze reis naar New York heb ik aan die dingen gezeten en ik vond ze erg lekker. Een halve dag later stond mijn lichaam echter van kop tot teen vol met een rode, jeukende uitslag. Geen Skittles meer voor mij…
Tot zover wat egocentrische zelfanalyse en twee dingen die effectief nog interessant zijn. Dit stokje gooi ik dan maar door naar Rebecca en deze onnozelaar.
edit: Ik heb nummer zes zonet ontdekt… mijn linkeroor past in het plastieken doosje van een filmrolletje. Yep, daar hou ik mij mee bezig terwijl ik studeer. Don’t ask. ^^